skutsje en grundel

Inhoudsopgave

quarto

 

Westergeest

Toen we het plan ten uitvoer brachten om op de ruimte en aan het water te gaan wonen, kwam de grundel voor de kant te liggen en werd een heel zomerseizoen niet gebruikt. Dat vonden wij teveel kapitaalvernietiging en dus zochten we een koper. In het najaar werden we het eens met een aspirant koper. Wij gingen dat voorjaar naar de hiswa en ontmoeten daar Rob Bijnsdorp die ging varen met de "Pride of Mother Sea" en we monsterden voor een week aan op dat schip,een Colin Archer tweemaster. We voeren toch maar hadden zelf nog geen andere boot. (die moest wat kleiner en minder duur.)

 

    

Na deze vakantie bleef de komst van een andere boot ons bezig houden.

Terug naar Waarschepen

 

We hebben veel schepen bekeken, van etap 22, oceaan 22, kimkielers, nienke's enz.

Uiteindelijk kwamen we terecht bij het waarschip en wel de oude vertrouwde, snelle en mooi gelijnde kwarttonner. In Lemmer lag een zwarte met een kleine opbouw en een teakdek. De naam? Black Beauty.

Het kwam vlakbij huis in de Zwemmer te liggen. Dat bleek geen succes, want mast strijken en onder twee bruggen door en een sluis passeren was te veel werk voor een dagtrip. Dus verhuisde de beauty naar Dokkumer Nieuwe Zijlen.

Toen het schip daar eenmaal lag konden we zelfs 's avonds na het eten nog wel zeilen. Ook rijpte het plan om mee te doen aan de wedstrijden van wsv Lauwerszee. Deze worden meestal gehouden op de Zoutkamperlaag. (het Wad dus)

De eerste keer moest het schip vrijdag al buiten de sluizen gebracht. We vonden een ligplaats achter in de buitenhaven en een aantal schippers van andere schepen wilden 's nachts wel een oogje in het zeil houden, zodat wij de nacht in ons eigen bed konden doorbrengen. De volgende morgen vroeg stond er al een windkracht 5, maar met beide reven en genua 3 wilden we toch meedoen: we waren nu per slot van rekening "buiten". We hadden houden en keren, daardoor ontging ons het topteken van een gele markeringsboei. Het was een "noordboei” en wij interpreteerden het als een "zuid"boei. Toen we een 100 meter verder overstag wilden, paste een en ander niet meer en boem was ho. Een platbodemschipper heeft nog geprobeerd om ons vlot te trekken maar kwam zelf droog te vallen.

Ondertussen was gebleken dat het mooie teakdek toch wel wat aan de dunne kant was geworden door de jaren heen en dus werd besloten het schip aan het eind van het seizoen in de schuur bij ons huis te zetten. Eerst goed laten drogen en dan een nieuw teakdek erop te lijmen. Als je met zo’n project bezig bent dan neem je steeds nieuwe karweitjes onder handen zodat een en ander nog langer duurt. Zo hebben we gezorgd dat er een goede dieptemeter aan boord was, zodat we op tijd werden gewaarschuwd als onze navigatie niet klopte.

We hebben nog een aantal wedstrijden gevaren; tijdens een ervan liep het schip met spinnaker 9,5 knopen. Dat was een yihaaaaa gevoel.

Na een tocht van ruim een week met verschillende overnachtingen aan boord bleek dat we bij de aanschaf van de Black Beauty ons iets te veel hadden laten leiden door oude herinneringen. Dus… er moest iets groters en comfortabelers komen.

We zeilden de laatste jaren alleen nog dag of middagtripjes. We hadden een tijdje een roeiboot met buitenboord in de Zwemmer liggen.

 

Doerak

 

Mijn vrouw kwam met het idee van een klein motorbootje dat onder de vaste bruggen van de Zwemmer en omgeving door kan. Na lang rondkijken op internet viel de keus op een Doerak van zes en een halve meter. We konden geschikt aan een opknapper komen. Dit bootje lag al een paar jaar in Grouw bij een handelaar die het had ingeruild op een Pikmeerkruiser. Het eerste winterseizoen hebben we het scheepje helemaal opnieuw geschilderd. Veel rondjes Westergeest-Kollum werden gevaren met familie en vrienden. Twee zomers zijn we ermee op vakantie geweest.

 We kwamen ermee op plaatsen in Friesland en Groningen waar je met een mast en een diepgang van minimaal 1 meter nooit zult komen.

 

 

Maar het zeilen bleef trekken en dus…..

                                                                    Waarsinnich

 

        Technische gegevens

       

       

Een stoer en aantrekkelijk schip met afmetingen voor langere tochten met de hele familie, ook op groot open water. De 900  heeft niet alleen uitstekende zeileigenschappen, maar biedt ook zeer veel ruimte onderdeks en overal volledige stahoogte (zelfs in de toiletruimte), terwijl de opbouw toch relatief laag is.
Die lage opbouw is niet alleen plezierig voor het oog, maar is ook praktisch bij het zeilen. De stuurman heeft steeds vrij zicht. De grote zelflozende kuip biedt gemakkelijk ruimte aan 7 man.
De vallen worden vanuit de kuip bediend.
De bergruimte onder de kuipbanken is goed toegankelijk door de luiken, die van binnen uit eenvoudig zijn af te sluiten.

De brede gangboorden vergemakkelijken het werk aan dek.
Door de grote breedte van 3.30 m is er bijzonder veel ruimte in de kajuit.  
Aan bakboord is een royale kombuis, heel praktisch ingericht met onder andere ruimte voor een koelkast.
Aan stuurboord is er de verstelbare kaartentafel met mogelijkheid tot plaatsing van navigatieapparatuur.              
De tafel in de kajuit heeft een handig flessenrek en er zijn veel vakken voor berging. Alle (maximaal 7) kooien zijn minstens 2 meter lang.
Het voorschip-van de kajuit gescheiden door een deur-heeft een pompcloset, een flinke klerenkast, een schoenen en laarzenkist en ongelooflijk veel bergruimte onder de ruime tweepersoonskooi.
Werkelijk álle ruimte in deze 9.00 x 3.30 m romp wordt optimaal benut.

   

lengte over alles

9,00 m

lengte waterlijn

7,60 m

breedte

3,30m

diepgang

1,50 m

gewicht

3500 kg

ballast

1500 kg

Hoogte boven de waterlijn

12,75 m

Hoogte in de kajuit

1,90 m

 

       

 

 Voorgeschiedenis

       

         Deze 900 heeft bouwnummer 6 en is als casco verkocht aan een Duitser: Lothar
         Prophet. Deze was meubelmaker; hij heeft de complete afbouw verzorgd. Vanaf dat
         moment heette het schip: Jonas P. In 1981 was het  schip klaar en werd ermee gezeild
         vooral op de Oostzee, getuige de scheepslogboeken die nog aan boord waren.
         In 2000 is het schip verkocht aan de Duitse heer Kenter. Deze heeft het schip naar
         Friesland laten brengen en daar is het schip door hem helemaal kaal gemaakt en in de
         epoxy gezet, waarna het in twee componentenverf  is gespoten.

       
        De scoop is er door Kenter aangezet.
        Hij heeft ook de rolgenua gemonteerd en de kuiptent laten maken.

 

Aankoop

 

        

 

        

 

               

Zo staat het schip op een Duitse site. Zo zagen wij het schip liggen aan een
verkoopsteiger in Lemmer. We waren daar bij het skûtsjesilen en omdat na
afloop iedereen tegelijk van het parkeerterrein wilde, gingen wij langs de
verkoopsteigers. Ik herkende de "jonasp" van de Duitse site.

Het weekend erop zijn we wezen kijken en omdat de makelaar onze
Black Beauty wel wilde inruilen, kwamen we binnen korte tijd tot overeenstemming.

         Motor

        Toen we het schip ophaalden uit de verkoophaven in Lemmer, hadden we      
       omdat we veel konden zeilen) geen idee over de capaciteit van de motor. In
       het naseizoen ontdekten we dat daar het een en ander aan mankeerde. In
       2004 bleek de snelheid op de motor erg te wensen over te laten. Tijdens
       onze tocht dwars door Friesland liet de motor ons in de steek en konden we
       niet op tijd in Enkhuizen (start van de toertocht van de Waarschippers) zijn.
       Na reparatie konden we ons in Stavoren toch nog aansluiten. Varend op de
       motor konden we niet mee in het tempo van de groep en was onze
       aanwezigheid te merken aan een zwarte  walm uit de uitlaat. Bijna alle
       deelnemers aan de tocht (met verstand van motoren) hebben eraan
       gesleuteld of minstens goede ideeën gegeven.
       Toen we na de tocht op eigen gelegenheid nog over het IJselmeer hebben
       gezworven, werd onze aanwezigheid door de rookpluim terdege opgemerkt.
       De laatste vakantieweek sloeg de stress toe als het aantal toeren van de
       Renault maar enigszins daalde.
       De beslissing: dit schip moet een nieuw “hart” was niet zo moeilijk te nemen.
       Wat, hoe en wanneer was iets moeilijker. Ook daar kom je uit. En nu staat er
       een Vetus M309 in de doos te wachten tot ie in het schip kan worden
       gehesen en aangesloten. Deze motor bleek namelijk het beste te passen op
       de bestaande fundatie, waarop de Renault diesel heeft gestaan.

deze foto’s van de Renault zijn nog gemaakt door Detlef Kenter.

Dit schakelpaneel is uiteraard vervangen door een Vetuspaneel. Het zit nu ingebouwd in de kuipbank aan de andere kant. Het ontstane gat is afgedekt met een blauw acrylplaatje. De schakelhendel is echter gebleven.

Hier de gegevens van de Vetus:

M 3.09: 3 CILINDER 18,4 KW (25 pk)
Technische gegevens M 3.09

Basismotor: Mitsubishi

Cilinderinhoud:

952 cm³

Aantal cilinders:

3

Wisselstroomdynamo:

12 Volt - 40 Amp.

Vliegwiel Vermogen:

18,4 kW (25 pk) ISO 3046-1

Toerental:

3600 omw./min.

Brandstofverbruik:

256 g/kW/u bij 2600 omw./min.

Keerkoppeling:

Techno Drive TMC 40

Gewicht (incl.keerkoppeling):


123 kg excl. olie en koelvloeistof

Boileraansluiting:

standaard

Koeling:

Interkoeling (standaard) of kielkoeling (op verzoek)

 

 

          Zelfs de omkasting paste om de nieuwe motor. Tegelijkertijd werd een nieuwe schroefas met een driebladschroef
          gemonteerd. Deze is watergesmeerd en het geknoei met het vet kan dus achterwege blijven. De dieseltank die in
          het schip zat, is verwijderd en er werd een nieuwe van kunststof ingebouwd.
          De heer Kenter had na het aanbouwen van de scoop een probleem met de natte uitlaat van de motor; deze zat
          achter in de spiegel. Zo professioneel als hij was bij het schilder- en schuurwerk, zo slecht had hij dit opgelost in de
          nieuwe situatie. Het koelwater liep soms gewoon over de scoop weg. Bij de inbouw van de vetusmotor is de
          uitlaatopening verplaatst naar de zijkant van het schip aan bakboord. Ook bleek de ontluchting van de dieseltank
          verstopt te zitten. Met het monteren van een nieuwe ontluchtingsdop is ook dat probleem verholpen.

    

          Zo kwam het schip met een nieuw hart en een nieuwe naam uit de winterberging.

   

   

   

   

  De laatste twee jaar hebben we de kleur van de antifouling donkerblauw gemaakt.
  Ook hebben we het schip laten opnemen in het scheepskadaster. Op de eerste van
  deze serie foto's is een uitsteeksel te zien onder de kielbalk.
  Hierin zat de “voeler” van de dieptemeter. De klos hebben we verwijderd en de
  voeler steekt nu niet meer onder het vlak uit.

 

 Groot onderhoud kajuitdak (2009)

 

Het dak was niet meer waterdicht; de "rubber"naden van het teak kregen de schuld. Er moest gerenoveerd worden. De plaatsen waar schroeven in de teaklatten zaten, leek ook de plaats van de dubbelingen van het kajuitdak.

zo was de situatie:


Na een discussie op het forum heb ik besloten het teak geheel te verwijderen.
Ik heb toen midden tussen twee rijen schroeven een stuk lat weggehaald en het bleek dat de latten over de dubbelingen heen waren gezet. De ruimte tussen de dubbelingen was opgevuld met tempex.

 

 

twee stukken teak boven en onderkant

 

 


Langs de rand van het kajuitdak waren de ruimtes met hout afgedicht, zodat water dat door de naden lekte geen kant op kon en dus alleen maar kon inwateren in het hechthout.

 

 

 


gedeelte kaal dek met raam


Met beitel, zaag en electrische schaaf is een kant nu zo goed als kaal. d.w.z. ruwwerk. De schuurmachine moet er nog over. tot nu toe vallen het aantal slechte plekken me nog mee.

 

 


stuurboord;is al een nieuw stuk ingezet.




bakboord kant bijna kaal.


 

Enkele plekken heb ik geinjecteerd met epoxyhars. Er bleek door de vorige eigenaar al eens een nieuw stuk hechthout te zijn ingezet.
Dat is op dit moment niet nodig; epoxyhars, plamuren , schuren, gronden en daarna schilderen.
Het achterste gedeelte van het teak zit onder de sprayhood en wil ik laten zoals het nu is.

 

Na op vakantie te zijn geweest hebben we het project weer aangepakt.
Op het middenstuk van het dak zitten nu 3 lagen epoxy hars;deze moeten nu een tijdje goed uitharden en daarna kan er verder worden gewerkt.de zijkanten zijn geschuurd en in de epoxy gezet. Om daarna verder te kunnen worden gerepareerd.

 

Stuurboord

bakboord

 

middenstuk met blanke epoxyhars

Hier was geen sikaflex of andere kit gebruikt, maar zwarte epoxy.